Middelbrand schip Harlingen / Waddenzee
We zijn gealarmeerd voor een brand op een schip dat net buiten de haven van Harlingen ligt. Er is opgeschaald naar middelbrand.
Laatst bijgewerkt:
Tijdlijn
-
Schip overgedragen aan de eigenaar
25 augustus 202515:40Het schip is inmiddels weer overgedragen aan de eigenaar. Deze zorgt er zelf voor dat de tjalk wordt weggesleept. Het schip heeft behoorlijke schade opgelopen; er kan voorlopig niet mee worden gevaren.
Dit is het laatste bericht over dit incident.
-
Brand meester
25 augustus 202514:48Inmiddels is het sein 'brand meester' gegeven. We laten de boot nu even liggen om te kijken of de temperatuur aan boord niet opnieuw oploopt.
De twee opvarenden die door het ambulancepersoneel zijn nagekeken hoefden niet mee naar het ziekenhuis voor verdere behandeling. -
Brand is uit
25 augustus 202514:12De brand aan boord van de tjalk is uit. Het schip wordt nu naar de haven van Harlingen gesleept. De bemanning van de tweede tankautospuit staat daar klaar om, zodra de boot in de haven is, te helpen met sloopwerkzaamheden in de boot. Die zijn nodig om goed te kunnen nablussen, zodat het vuur niet weer opnieuw oplaait.
-
Twee personen rook ingeademd
25 augustus 202514:08De twee opvarenden van de tjalk zijn door de KNRM naar de haven van Harlingen gebracht. Omdat zij beide rook hebben ingeademd, worden zij door het ambulancepersoneel nagekeken.
-
Uitslaande brand
25 augustus 202513:58Op een plezierjacht dat net buiten de haven van Harlingen ligt is brand uitgebroken in de machinekamer. De brand is inmiddels uitslaand; daarom hebben we opgeschaald naar middelbrand. Een tweede tankautospuit is aanrijdend. De bemanning van de eerste tankautospuit is opgestapt op een boot van de KNRM om de brand te kunnen bestrijden.
Op het vaartuig, een tjalk, waren twee personen aanwezig. Zij zijn inmiddels van boord en overgestapt op een boot van de KNRM.
Locatie op kaart
Meer informatie
Veelgestelde vragen
Opschaling
Wat betekent opschaling door de brandweer naar middelbrand of (zeer) grote brand?
Bij een brand heeft de brandweer vier opschalingsniveaus: kleine brand, middelbrand, grote brand en zeer grote brand.
Wanneer is een brand een middelbrand en wanneer een grote brand? De brandweer kijkt daarvoor niet alleen naar de hoeveelheid rook en vuur, maar ook naar wat er nodig is om de brand beheersbaar te maken. Staan er bijvoorbeeld veel gebouwen rondom het pand dat in brand staat? En om wat voor gebouwen gaat het dan? Met al die informatie bepaalt de brandweer om wat voor soort brand het gaat.
- Bij een kleine brand komt er één tankautospuit ter plaatse. Een tankautospuit is het basisvoertuig van de brandweer. Hierin zitten slangen, gereedschappen en water. In een tankautospuit zitten altijd één bevelvoerder en vijf manschappen.
- Bij een middelbrand komen er twee tankautospuiten ter plaatse. Ook komt er een Officier van Dienst.
- Bij een grote brand komen er drie tankautospuiten ter plaatse. En daarnaast een groot watertransport en een droneteam. Verder komt er een Officier van Dienst, een Hoofdofficier van Dienst, een Adviseur Gevaarlijke Stoffen (AGS) en een woordvoerder.
- Bij een zeer grote brand komen er vier tankautospuiten ter plaatse. En daarnaast een groot watertransport en een droneteam. Verder komt er een Officier van Dienst, een Hoofdofficier van Dienst, een Adviseur Gevaarlijke Stoffen (AGS) en een woordvoerder. Alles wat bij een zeer grote brand ter plaatse komt wordt een peloton genoemd.
- Is er nog meer nodig? Dan kan er een tweede peloton worden ingezet. Dat is een verdubbeling van al het materieel dat al ter plekke is om de brand te bestrijden.
Afhankelijk van het incident kan de brandweer bij elk incident specifieke voertuigen en specialisten inzetten, zoals...
- Een hoogwerker; die wordt ingezet als de brandweer er met de ladder van een tankautospuit niet bij kan. Bijvoorbeeld bij een schoorsteenbrand. De inzet van een hoogwerker heeft niks te maken met de grootte van een brand.
- Meetploegen, die meten of er gevaarlijke stoffen in een woonwijk terecht komen.
- Het droneteam, dat met drones een goed beeld van bovenaf kan geven.
- Voertuigen voor het bestrijden van natuurbranden, ook wel CCFM’s genoemd.
- Ondersteunende ploegen die bijvoorbeeld nieuwe flessen ademlucht brengen. Of eten en drinken, als de brandweerploegen lang aan het werk zijn.