Brand in huis

De nachtmerrie van veel mensen: brand in je huis. Bij brand telt iedere seconde. Vaak hangt er al binnen een paar minuten een dikke, giftige rook waardoor je niks meer ziet en je niet meer kunt ademen. Hoe eerder je de brand opmerkt, hoe meer tijd je hebt om met familieleden naar een veilige plek te gaan.

Weet jij wat je moet doen bij brand in huis? Laat je niet verrassen en bereid je goed voor!

Gloeilamp

Tips

Hoe bereid je je voor op een brand?

  • Hang rookmelders op in je huis. Minstens één op elke verdieping.
  • Hang een CO-melder op. Een CO-melder waarschuwt als er gevaarlijk veel koolmonoxide in de lucht zit.
  • Doe alle deuren in huis dicht als je gaat slapen. Als er brand uitbreekt heb je meer kans en tijd om veilig te vluchten en gered te worden.
  • Laad je elektrische apparaten veilig op. Bijna alle elektrische apparaten worden warm bij het opladen of als je ze gebruikt. Die warmte moet weg kunnen.
  • Zorg voor genoeg blusmiddelen in huis. Bijvoorbeeld een brandblusser, blusdeken of zand.  
  • Maak een plan hoe je snel je huis uit kan vluchten en praat hierover met je huisgenoten.

Wat moet je doen bij een brand?

  • Vlucht zo snel mogelijk naar buiten. Blijf laag bij de grond en doe de deuren achter je dicht.
  • Bel 112.
  • Waarschuw en help je huisgenoten en huisdieren als het kan.
  • Blijf buiten op veilige afstand van de brand.
  • Kun je niet naar buiten vluchten? Zoek dan de ruimte met de minste rook. Doe de deur van de kamer dicht en dek kieren af met een doek of kledingstuk. Bel 112 en blijf laag bij de grond.

Veel gestelde vragen

Hoe maak je een vluchtplan?
  • Bedenk waar in jouw huis brand kan ontstaan. 
  • Zoek de snelste en veiligste vluchtroute. Rook stijgt op. Vlucht daarom van boven naar beneden. Het liefst naar de straatkant, zodat hulpverleners je kunnen zien en met je kunnen praten.
  • Bepaal een tweede vluchtroute voor als je de eerste vluchtroute niet kunt gebruiken.
  • Kies een vluchtkamer voor als de tweede vluchtroute ook is afgesloten. Het liefst een kamer aan de straatkant of met een balkon, zodat de brandweer bij je kan komen.
  • Spreek af wie voor de kinderen, ouderen of huisdieren zorgt.
  • Spreek een vaste plek af voor de huissleutels, bijvoorbeeld een sleutelkastje bij de voordeur.
  • Sluit tijdens het vluchten alle deuren achter je. Een dichte deur kan minimaal 20 minuten brand tegenhouden.
  • Spreek een plek af waar je na het vluchten buiten naartoe gaat. Zo weet je snel of er nog iemand binnen is.
Hoe zet je de ventilatie in huis uit?
  • Heb je een mechanisch ventilatiesysteem in huis? Die staat meestal in de kelder, op zolder of in een technische ruimte. Je doet het ventilatiesysteem uit door de stekker er uit te trekken. 
  • Is er geen stekker bij het mechanische ventilatiesysteem? Zet in de meterkast de schakelaar om van de groep waar de mechanische ventilatie op aangesloten is. Zorg dat je weet welke groep het is, plak er bijvoorbeeld een sticker bij.
  • Vergeet niet om andere roosters zelf dicht te doen. Bijvoorbeeld roosters in de ramen. 
Hoe krijg je een brandgeur uit je huis?

Als de hulpdiensten aangeven dat ramen en deuren weer open kunnen, ventileer dan je huis zo goed mogelijk: 

  • Zet de ramen en deuren open en zet het ventilatiesysteem weer aan. 
  • Was gordijnen en kleding die naar brand ruiken. 
Waar moet je rookmelders ophangen?
  • Rook gaat altijd omhoog. Hang rookmelders daarom aan het plafond. De rookmelder kan daar het snelst alarm slaan bij een brand. 
  • Hang de rookmelder in het midden van het plafond op minimaal 50 centimeter van een muur of hoek. 
  • Hang je rookmelder daarnaast ook minimaal 30 centimeter van een lamp vandaan. Zo zorg je ervoor dat de rookmelder niet vies wordt door het stof dat de lamp aantrekt. 
  • Heb je een schuin plafond? Hang de rookmelder dan op 90 centimeter vanaf het hoogste punt van het plafond.
  • Hang de rookmelder niet bij een ventilator of ventilatieopening, op een tochtige plek of boven de verwarming. Op deze plekken komen de rookdeeltjes niet bij de rookmelder door de luchtstroming. Luchtstroming is de beweging van lucht door een ruimte. Je wordt dan niet of te laat gewaarschuwd. 
  • H‍ang een rookmelder ook niet in de badkamer. Daar is teveel stoom en vocht. Staat er in de badkamer apparatuur die brand kan veroorzaken, bijvoorbeeld een wasdroger, hang dan een rookmelder in de gang aan het plafond op 50 cm afstand van de badkamerdeur en op 50 cm afstand van de muren.
  • Lees de gebruiksaanwijzing van de rookmelder voordat je deze ophangt.
     
Wat is koolmonoxide (CO)?

Koolmonoxide is een giftig gas dat je niet ruikt en proeft. Inademen van lucht met veel koolmonoxide kan zorgen voor vergiftiging. Hang daarom koolmonoxidemelders op in huis die goed werken. Een koolmonoxidemelder geeft een hard geluid als er veel koolmonoxide in de lucht zit. De afkorting van koolmonoxide is CO.

Waar hang ik een koolmonoxidemelder?
  • In ruimtes met een waar bijvoorbeeld de geiser, cv-ketel, gaskachel of open haard is. Hang de koolmonoxidemelder aan het (schuine) plafond of aan de muur.
  • Maar ook in de andere ruimtes, zoals de slaapkamer. Plaats de koolmonoxidemelder hier (minimaal) op ademhoogte. Ademhoogte is de hoogte vanaf de grond tot aan je neus. 
  • Hang de koolmonoxidemelder niet achter bijvoorbeeld gordijnen en kasten. En ook niet in de buurt van ventilatie of andere systemen waar lucht in en uit huis gaat. 
  • Lees altijd de handleiding om de koolmonoxide goed op te hangen en te gebruiken.
Hoe laad je veilig elektrische apparaten?
  • Gebruik altijd de opladers van bijvoorbeeld telefoons, tablets en laptops die erbij horen. 
  • Accu’s worden warm. Leg daarom de apparaten tijdens het opladen niet op bijvoorbeeld het bed of de bank. Kies een harde ondergrond waar de warmte niet in blijft hangen.
  • Haal de stekker uit het stopcontact als de telefoon, tablet of apparatuur is opgeladen. Dan zorg je ervoor dat het apparaat niet wordt 'overladen'. 
  • Laad batterijen of lithium-accu’s alleen op als je thuis bent. 's Nachts opladen is niet verstandig, omdat je het dan niet merkt als er brand uitbreekt.
  • Trek bij een elektrische deken de stekker uit het stopcontact als je hem niet gebruikt. Dit verkleint de kans op oververhitting en brand. 
Hoe gebruik je veilig elektrische apparaten?
  • Zet apparaten zoals je televisie of computer uit in plaats van op stand-by (slaapstand). Op stand-by blijven onderdelen binnenin het apparaat warm.
  • Sluit elektrische apparaten verstandig aan. Sluit bijvoorbeeld de wasmachine nooit aan op een ongeaard stopcontact. Staat hij in een vochtige ruimte, gebruik dan een speciale wasmachineschakelaar.
  • Sluit niet teveel stekkers op één stopcontact aan. Gebruik geen driewegstekker; dit is een stekker die van één stopcontact drie stopcontacten maakt. 
  • Er is een grotere kans op brand als er teveel aangesloten apparaten tegelijk in gebruik zijn. 
  • Pas op met elektrische dekens. Test een elektrische deken voor gebruik en nadat hij lange tijd in de kast heeft gelegen. Controleer de bedrading goed voor gebruik. Bewaar de deken losjes opgerold om beschadigingen van de bedrading te voorkomen en vouw de deken voor gebruik altijd helemaal uit. Een elektrische deken gaat ongeveer 7 jaar mee.
  • Gebruik magnetrons alleen waarvoor ze bedoeld zijn. Let op de bereidingstijd; magnetrons die te lang worden ingesteld zijn regelmatig oorzaak van brand.
  • Kijk uit met halogeenverlichting. Ook lampjes met een gering voltage kunnen schroeiplekken en vervolgens brand veroorzaken. Houd ze uit de buurt van gordijnen en meubels. Is de halogeenverlichting ingebouwd, zorg dan voor voldoende ventilatie, zodat de warmte goed weg kan.
Waar moet je op letten bij het onderhoud van elektrische apparatuur?
  • Maak filters van elektrische apparaten vaak schoon. Opgehoopt stof en warmte maakt de kans groter op brand. Wasdrogers, afzuigkappen, magnetrons en ovens hebben zo’n filter.
  • Water kan zorgen voor kortsluiting. Maak elektrische apparaten niet schoon met een sopje. 
  • Heb je een cv-ketel en/of gasgeiser, sluit dan een onderhoudscontract af voor de jaarlijkse controle.
Hoe voorkom je brand door de accu van een elektrische fiets?

Door je accu van je elektrische fiets of scooter op de juiste manier te laden gaat hij minder snel kapot. En je verkleint er ook het risico op brand mee! Zo laad je je accu veilig op: 

  • Gebruik alleen de lader die erbij hoort. Als je een oplader gebruikt die niet bij je accu hoort, dan kan je accu kapot gaan. Ook al hebben ze soms dezelfde eigenschappen.
  • Haal je accu van de lader als deze 100% opgeladen is. Dit verlengt de levensduur van de accu.
  • Gebruik je je accu weinig? Laad je accu minimaal iedere drie maanden op. Een accu loopt langzaam leeg, waardoor hij bij een te lage spanning kan beschadigen.

Meer informatie hierover kun je vinden op de website van Ik Laad Accuraat.

Logo Denk Vooruit

Meer risico’s

Overzicht van risico’s
Brand in je omgeving
Natuurbrand
Paasvuur
Asbest